Storingsverhelping bij geldautomaten
26 januari 2010
ATM-klanten van G4S hebben één belangrijke doelstelling: de beschikbaarheid van cash geld in automaten garanderen, en dit 24/7. Onverwachte storingen of defecten van de machines kunnen heel wat roet in het eten gooien. Daarom biedt G4S de dienst ‘storingsverhelping’ aan.
Time is money
Wanneer een geldautomaat omwille van een storing of panne tijdelijk buiten gebruik (of ‘downtime’) is, moet er zeer snel gehandeld worden. Om de hinder van deze ‘downtimeperiode’ tot een minimum te beperken, heeft G4S bepaalde interventietijden afgesproken met de klant. Hierbij worden de interventies gestuurd vanuit één centraal punt en uitgevoerd door één G4S-agent.
Geld moet rollen
Afhankelijk van het soort panne wordt er vóór de interventie een keuze gemaakt uit twee interventieniveaus.
Bij ‘een interventie van niveau 1’, zoals bijvoorbeeld een papierblokkade, kan de G4S-agent de storing zelf verhelpen, zonder afstelling van de onderdelen en zonder gebruik van enig gereedschap.
Bij een ernstiger defect wordt een beroep gedaan op een technicus van een externe maatschappij die instaat voor de herstelling. In dit geval spreekt men over ‘een interventie van niveau 2’. Hierbij handelt de G4S-agent als assistent tijdens de hele duur van de herstelling.
Motor voor nog efficiëntere hulpverlening
Interventies werden in het verleden meestal uitgevoerd met behulp van een interventiewagen. Omdat de interventietijden, vooral in stedelijke omgevingen, volgens G4S nog efficiënter aangepakt konden worden, lanceerde het bedrijf in mei 2008 een testcase waarbij één agent zich per motor verplaatste. Een geslaagd pilootproject, zo bleek uit de evaluatie in september: per motor kan men immers beter files omzeilen en gemakkelijker parkeren.
Resultaat? Een efficiëntere hulpverlening met snellere verplaatsingstijden, kortere interventietijden, flexibel inzetbare – en dus gemotiveerde – medewerkers én een tevreden klant.
Wegens dit succes besliste G4S om het motorproject vanaf
oktober definitief verder te zetten en het aantal motorvoertuigen uit te breiden. Ook het ‘interventiegebied’ wordt uitgebreid. Zowel in de regio Brussel/Henegouwen als in de regio Oost-en West-Vlaanderen zullen voortaan ook interventiemotors ingezet worden. En mogelijk wordt het motorproject in de toekomst nog verder uitgebreid.
Contactgegevens